Er komen mensen de bar binnen en ik sta achter de tap dat ene maanzaadje los te peuteren uit m’n kies. Precies op het moment dat ik vraag wat ze willen drinken, schiet het broodstukje los en landt in het gezicht van één van de gasten. Alsof het niks is veegt de vrouw het stukje uit haar gezicht, maar ik weet dat ze walgt van binnen. Ik kan wel door de grond zakken. 

Waarom gebeuren dit soort stomme dingen mij altijd? Ik kan ook nooit iets normaal doen? Vanbuiten lijkt er niks aan de hand, maar vanbinnen geef ik mezelf een keiharde facepalm. Dit overkomt me veel vaker dan ik zou willen.

Een snotje die uit de neus hangt tijdens een belangrijk gesprek, die je halverwege ineens voelt omdat hij naar binnen schiet tijdens het inademen. Geen mogelijkheid om hem stiekem te verwijderen, dus laat je hem, vol schaamte, zitten. “Wat een sukkel”, denk ik dan over mezelf.

Vlak voordat je de deur uitgaat, nog snel tandenpoetsen. Naar buiten vliegen, omdat je ziet dat het al veel te laat is. Fiets opspringen. Trappen als een malle. Nog net op tijd aankomen op je werk. En er daar achter komen, dat je niet alleen extreem bezweet bent, maar ook een dikke, onverwijderbare tandpastavlek op jouw borst hebt zitten en dat je broek vast heeft gezeten tussen de ketting, waardoor er een dikke jaap in je rechter broekspijp zit. Dan moet je de hele dag nog stinkend naar zweet, bevlekt en gescheurd gaan werken.

Pas na het koken erachter komen dat de macaroni hebt gekookt in plaats van rijst. Waardoor die overheerlijke curry een misbaksel is geworden en de macaroni is omgevormd tot een vastgekoekte plaat op de bodem van de pan. Een leuk meisje proberen te versieren. Een heel erg enerverend en lang gesprek houden, dan te zijn vergeten hoe ze ook alweer heette en het nog een keer moeten vragen, waardoor je extreem ongeïnteresseerd lijkt. Überhaupt tegelijkertijd een naam zeggen tijdens een ontmoeting en dan niet nog eens vragen hoe ze heten vanwege de gêne.

Een Albert Heijn Bonuskaart proberen te gebruiken bij de Aldi. De koffiemok ondersteboven onder het Senseo-apparaat zetten, waardoor de schone vaat onder de koffie zit. De gulp van een knopenbroek dicht proberen te doen. Lachen om een grap die een half uur geleden gemaakt is. Al buiten staan en dan herinneren dat de sleutels nog aan het rekje hangen, binnen. Drie verschillende woorden op het puntje van de tong hebben liggen, maar er op geen komen.

Misschien ben ik niet de enige die dit wel eens heeft ervaren, maar voor mij is het wel een dagelijks drama. Groot en klein, elke dag komt er wel zo’n situatie voorbij om door de grond te zakken. Gelukkig kan ik het meestal wegwuiven met een glimlach, maar binnenin blijf ik gillen. Het maakt de dag wel grappiger, spannender en onverwachter. Wie wil dat nou niet?

 

 

Een gedachte over “Wat Gênant Zeg

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s